Onderzoekers van de Case Western Reserve University hebben een sleutelmechanisme geïdentificeerd dat de progressie van de ziekte van Parkinson aanstuurt: een directe interactie tussen toxische eiwitten en de cellulaire krachtcentrales van de hersenen (mitochondria). Deze ontdekking vult een kritieke leemte in ons begrip van de ziekte en biedt een nieuw doelwit voor mogelijke behandelingen.
De ontbrekende schakel uitgelegd
Wetenschappers weten al jaren dat abnormale klontjes van een eiwit genaamd alfa-synucleïne de neuronen van Parkinson-patiënten beschadigen. Tegelijkertijd vertonen deze patiënten een verzwakte mitochondriale functie, wat leidt tot energietekorten in de hersencellen. Hoewel deze twee problemen met elkaar verbonden waren, bleef het exacte hoe ongrijpbaar. Deze nieuwe studie verduidelijkt dat alfa-synucleïne de mitochondriale functie actief verstoort door te binden aan een enzym genaamd ClpP, dat verantwoordelijk is voor het opruimen van cellulair afval.
Deze interactie schakelt in wezen de mitochondriën uit, wat leidt tot de kenmerkende symptomen van Parkinson, waaronder een verminderde productie van dopamine en motorische beperkingen. Het belang van deze bevinding is dat het een concrete moleculaire route biedt waarop therapieën kunnen worden gericht.
Een mogelijke behandeling: CS2 Protein Decoy
Het team stopte niet bij het identificeren van het probleem; ze hebben ook een oplossing bedacht. Een kort eiwitfragment, genaamd CS2, werd ontworpen om als lokaas te fungeren, waardoor alfa-synucleïne weggeleid werd van ClpP en de mitochondriën normaal konden functioneren.
“We hebben een schadelijke interactie tussen eiwitten ontdekt die de cellulaire krachtcentrales van de hersenen beschadigt… en een gerichte aanpak ontwikkeld die deze interactie kan blokkeren.” – Xin Qi, neurowetenschapper
De eerste tests met menselijk hersenweefsel, muismodellen en in het laboratorium gekweekte neuronen leverden veelbelovende resultaten op. CS2 verminderde ontstekingen en herstelde gedeeltelijk de motorische en cognitieve functie bij dieren. Dit suggereert dat het richten op deze specifieke biochemische reactie een effectievere aanpak zou kunnen zijn dan het simpelweg behandelen van de symptomen van Parkinson.
Tijdlijn en kanttekeningen
Klinische proeven op mensen zullen nog minstens vijf jaar duren. Dit soort biologische ingrepen vereisen uitgebreide veiligheidstests om onbedoelde gevolgen uit te sluiten. De dubbele prestatie van de studie – het identificeren van een fundamentele fout in de progressie van Parkinson en het aantonen van een mogelijk herstelmechanisme – markeert echter een belangrijke stap voorwaarts.
Parkinson is een notoir complexe ziekte waarbij meerdere factoren een rol spelen. Het is onwaarschijnlijk dat één enkele behandeling een volledige genezing zal bieden; therapieën gericht op het herstellen van de mitochondriale functie zouden echter de kwaliteit van leven van miljoenen mensen die aan deze aandoening lijden dramatisch kunnen verbeteren.
Onderzoekers zijn optimistisch dat toekomstige behandelingen de ziekte van Parkinson kunnen transformeren van een slopende, progressieve ziekte in een beheersbare of zelfs opgeloste ziekte.
